Er was eens, lang geleden, een tijd voor emoties, een tijd voor moois en tijd voor het leven. Deze site is, maar niet exclusief, bestemd voor de passionele romanticus met het donkere randje, de berooide, maar voldane kunstenaar, de gevleugelde criticus met een gebroken hart. Denker versus voeler. Liefde versus logica. Tijd voor inspiratie.


  • Parkeer de auto, dump je telefoon, slaap op de vloer, droom over mijParkeer de auto, dump je telefoon, slaap op de vloer, droom over mij
  • Jij, voor altijdJij, voor altijd
  • Parkeer de auto, dump je telefoon, slaap op de vloer, droom over mijParkeer de auto, dump je telefoon, slaap op de vloer, droom over mij
  • Laten we samen weggaan, voor altijdLaten we samen weggaan, voor altijd
  • Zonder jou doen de sterren er niet toeZonder jou doen de sterren er niet toe
  • Zonder jou doen de sterren er niet toeZonder jou doen de sterren er niet toe
  • Soms, als je valt, vlieg je eigenlijkSoms, als je valt, vlieg je eigenlijk
  • Mijn hart is aan jou gebonden, mijn lippen helaas nietMijn hart is aan jou gebonden, mijn lippen helaas niet
  • Niets is meer waard dan deze dagNiets is meer waard dan deze dag
  • We hebben allemaal goede redenen om te vertrekkenWe hebben allemaal goede redenen om te vertrekken
0 - 10 of 55 gevonden artikelen

Categorie  De mooiste romantische films

Datum en tijd  maart 4th, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  ,  |  Plaats een reactie 6 reacties » |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

De mooiste romantische filmsZiek van de clichés in zo’n beetje alle hedendaagse romantische films? Heb je wel even genoeg Jennifer Aniston en Brad Pitt gezien? Weet je tijdens de film al wat er gaat gebeuren, loopt alles altijd goed af en blijf je achter met een leeg gevoel? Hieronder mijn vijf zes favoriete liefdesfilms van de afgelopen tien jaar. Cinematografische hoogstandjes, niet moeilijk, maar gewoon prachtig. En ook geschikt voor de verbitterde zielen, want niet allemaal met happy end. Koop, huur, leen of jat ze, wat mij betreft. Kijk, geniet en sta versteld.

Bekijk de lijst >>

Categorie  Wij houden van jullie

Datum en tijd  maart 2nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  , ,  |  Plaats een reactie 2 reacties » |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

whvj Wij houden van jullie Willen mannen echt alleen seks met alles en iedereen – of is het pornografische ‘ideaal’ slechts een schild, waarachter een diep romantisch verlangen schuilgaat? Schrijver Dylan van Rijsbergen legt uit.

Een man zit in een Amerikaanse diner. Zijn vriendin komt binnen, kust hem en gaat tegenover hem zitten. Zijn gezichtsuitdrukking verraadt een probleem, zij vraagt wat er is. Hij begint aarzelend:’Ik weet niet hoe ik dit moet zeggen, maar…’ en neemt een slok van zijn frisdank. Vervolgens schuift het videobeeld uiteen en verschijnt een tekst: Dumpen, zoals het hoort. Plotseling veranderen de tafels in het restaurant in palen waarlangs rondborstige paaldanseressen naar beneden glijden die de held van het verhaal wulps omhelzen. Zijn vriendin: ‘Dus je wilt het uitmaken? Je wilt niet met één vrouw zijn, terwijl er zo veel vrouwen in de wereld zijn? Bel me maar als je zin hebt in een wip…met ons.’ Het filmpje eindigt met de man rijdend op een motor en een hele stoet ‘ideaal’ geproportioneerde vrouwen skatend achter hem aan. Over de top misschien, we begrijpen allemaal wat deze reclamespot wil zeggen. Mannen zijn eenvoudige wezens. Uiteindelijk wil een man maar één ding: seks, liefst met zo veel mogelijk vrouwen. En dan ook nog eens het liefst vrouwen van het type paaldanseres: grote borsten, lange benen, volle billen. Hun karakter is hem om het even. Als ze er maar lekker uitzien en gewillig zijn. Voor hem zijn vrouwen inwisselbaar, zolang ze maar de juiste anatomische verhoudingen hebben zijn zijn masculiene erotische verlangens tevreden.

Dit vercommercialiseerde beeld van de man staat vaak haaks op dat van de ‘complexe’ vrouw. In boeken als Waarom mannen niet luisteren en vrouwen niet kunnen kaartlezen worden alle verschillen tussen de seksen teruggebracht tot op de evolutietheorie gebaseerde verklaringen. Mannen willen seks met zo veel mogelijk vrouwen omdat ze op die wijze het beste hun voortplantingskansen kunnen verhogen. Ze geven daarbij de voorkeur aan vrouwen met de meest perfecte vormen en welvingen, want die zouden het gezondste nageslacht nalaten. ‘Voor hem is het niet veel anders dan een lamsbout die in de etalage hangt te bewonderen.’ Vrouwen daarentegen zoeken een relatie, willen een man aan zich binden. Zij willen een man die hun en hun nageslacht kan beschermen. Vrouwen zoeken dus seks met liefde, mannen zoeken gewoon veel seks: zo luidt de heersende opinie.

Lees verder

Categorie  Verlangen

Datum en tijd  maart 1st, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  , ,  |  Plaats een reactie Plaats als eerste een reactie! |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

verlangen VerlangenZijn donkere ogen keken het meisje aan en vroegen met een mix van Portugees en Spaans wat ze hier deed, alleen aan de warme costa. De vraag had ook voor hem kunnen gelden, maar hij was eerst en soms is er op een middag geen tijd voor twee werelden. Ze twijfelde aan zijn ogenschijnlijk oprechte interesse, maar hij had al gekregen wat hij wilde van haar, dus antwoordde ze. ‘Ik vlucht voor de liefde, voordat mijn hart, mijn corazón, breekt.’ Hij leunde achterover in de seventies hotelstoel, nam haar op en lachtte hartelijk. Deze reactie verwachtte ze niet en haar ogen schoten vuur. Haar blik doorbrak alle taalbarrières en hij besefte dat zijn gelach uitleg behoefde. ‘Jij bent naïef. Ben je hier om jezelf te beschermen? Je kan het proberen te verbleken in de zon. Je kan er een oceaan tussen leggen. Maar verlangen blijft verlangen.’

Categorie  O Solo Mio

Datum en tijd  februari 23rd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  ,  |  Plaats een reactie 4 reacties » |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

O Solo MioWaarom heeft zo’n leuke vrouw als jij toch geen vriend? Word je zo langzamerhand doodmoe van die vraag? Wel, hier is het antwoord: single-zijn heeft zijn voordelen. Besef wat je hebt. En mist – als kiespijn. Een loflied op alleen-zijn in 30 redenen.

Het is inmiddels dertien jaar geleden dat het dagboek van Bridget Jones werd gevonden, en bekend werd dat New York (en andere wereldsteden) bevolkt wordt door single vrouwen met enorme schoenenverzamelingen, en toch vinden mensen het nog steeds gek als je alleen bent (of alleen woont). De enigszins angstaanjagende verschijning van Susan Boyle (never been kissed, en ook nog in het bezit van een kat) heeft dat er niet minder op gemaakt. Dus moeten singles op feesten en partijen nog altijd dezelfde vervelende vragen aanhoren. En…(veelbetekende stilte). Hoe staat het met de liefde? Waarom heeft zo’n leuke vrouw als jij toch geen vriend? Waarom ben je nog steeds alleen? Deze vragen worden natuurlijk altijd gevraagd door mensen die zelf vaste verkering hebben. Dezelfde mensen die je op feesten en partijen ook nog eens vermoeien met klaagzangen over alle onhebbelijke gewoontes van hun partner, over de hel van het samenwonen en, als je echt pech hebt, over de sleur van hun seksleven. Dat geeft toch te denken. Is het echt zo erg om alleen te zijn? Is samenwonen echt de holy grail van je bestaan? Natuurlijk, het is lastig dat je rotklussen in het huishouden niet kunt uitbesteden (het blijft wachten op de vuilnismannen die je afval van vierhoog komen ophalen), maar elk nadeel heb z’n voordeel: je hebt ook weer minder vuilniszakken in je eentje. Als je er even goed voor gaat zitten, zijn er eigenlijk zo veel leuke voordelen aan het alleen-zijn te verzinnen dat je je in alle ernst zou kunnen afvragen waarom mensen het in godsnaam doen, samenwonen. Dus schort op, die speurtocht naar een man, en geniet ervan (nu het nog kan).

Lees verder

Categorie  The Reflex

Datum en tijd  februari 23rd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden   |  Plaats een reactie 1 reactie » |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

thereflex The ReflexSinds Freud laat het geen psycholoog los: waar raken vrouwen opgewonden van? Niet waarvan we dénken, dat staat wel vast. Aan de vooravond van de introductie van ‘Viagra voor vrouwen’ legde ELLE het twee baanbrekende klinisch psychologen voor: was will das Weib?

Meredith Chivers heeft een uitgebreide pornocollectie. De 36-jarige Canadese heeft in haar computer films opgeslagen in zo’n beetje elk denkbaar genre: mannen met mannen, vrouwen met mannen, vrouwen met vrouwen – en ook haar verzameling video’s van parende apen mag er wezen. Chivers heeft haar imposante verzameling niet opgebouwd voor haar persoonlijk gerief. De psychologe (Universiteit van Kingston, Ontario) gebruikt de films om onderzoek te doen naar vrouwelijke opwinding. Haar modus operandi is als volgt: ze toont de beelden aan testpersonen en meet met een zogenaamde plethysmograaf hoeveel bloed er naar het geslacht stroomt. Bij mannen veroorzaakt de toestroom van bloed een erectie, bij vrouwen wordt de vagina vochtig. De proefpersonen kregen een apparaatje waarmee ze door aan een knop te draaien zelf konden aangeven hoe opgewonden ze waren. De mannen in het onderzoek reageerden precies zoals je op basis van hun seksuele voorkeur zou mogen verwachten. Heteroseksuele mannen raakten fysiek opgewonden van heteroseksuele beelden, en ook de filmpjes met alleen vrouwen deed ze wel wat. Homoseksuelen reageerden goed op beelden van vrijende mannen, enzovoorts. Ook bleek er een duidelijke correlatie tussen de penis en de hersenen te bestaan: als ze zelf – met de draaiknop – aangaven opgewonden te raken, was dat terug te zien in de bloedtoevoer naar de penis. Geen van de mannen raakte opgewonden van de beelden van parende apen. Mannen zijn voorspelbare wezens.

Bij de vrouwen lag dat anders. De resultaten waren, om een niet-wetenschappelijke term te gebruiken, een slagveld. Ongeacht seksuele voorkeur, reageerden vrouwen fysiek op beelden van zowel hetero- als homoseksuele seks. Een sexy vrouw in haar eentje bracht een sterkere reactie teweeg dan een sexy man. Zelfs de beelden van de apen zorgden voor een aanzienlijk verhoogde bloedtoevoer naar de genitaliën van de vrouwelijke testpersonen. Interessanter nog was het enorme verschil tussen de fysieke reactie en hetgeen vrouwen zelf aangaven. Bij beelden van heteroseksuele seks gaven de vrouwen zelf aan veel sterker opgewonden te raken dan de plethysmograaf aangaf. Bij het zien van de beelden van apen, gaven de vrouwen aan er niet opgewonden van te raken, maar de genitaliën reageerden wel. ‘Het was alsof hersens en genitaliën niet bij dezelfde persoon hoorden,’ stelt Chivers. ‘Mannen reageerden voorspelbaar, bij vrouwen was er geen peil op te trekken.’ Chivers kon aan de bak.

Lees verder

Categorie  Een vreemde ziekte deel II

Datum en tijd  februari 22nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  , ,  |  Plaats een reactie 1 reactie » |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

9 Een vreemde ziekte deel II

Liefde gaat niet alleen gepaard met romantiek en harmonie, maar ook met obsessie en geweld. Marte Kaan schreef een verhelderend boek over de destructieve kanten van de liefde, die ze met behulp van literaire, wetenschappelijke en alledaagse voorbeelden probeert te doorgronden. Zoals al eerder beloofd, hier deel 2 van “Een vreemde ziekte”. Lees hier deel 1.

Lees verder

Categorie  Innovatief denken

Datum en tijd  februari 22nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  ,  |  Plaats een reactie Plaats als eerste een reactie! |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

Wie dacht dat alleen de Taliban in Afghanistan bizarre wetten uitvaardigt heeft het mis. Deze bloemlezing bevat gedateerde, maar nog steeds van kracht zijnde wetten:

  • Haifa, Israël Het is verboden beren naar het strand mee te nemen.
  • Florida : vrouwen riskeren een boete als ze onder de haardroger in slaap vallen
  • Engeland : een vrouw mag in een openbaar vervoermiddel geen chocolade eten
  • Denemarken : het is verboden een auto te starten als er iemand onder ligt
  • Iowa : eenarmige pianospelers moeten gratis optreden
  • Singapore : Orale seks is illegaal, tenzij in de vorm van voorspel
  • Zwitserland : het is verboden op zondag je auto te wassen
  • Arkansas : het is verboden om Arkansas verkeerd uit te spreken
  • Frankrijk: het is boeren verboden een varken Napoleon te noemen
  • Hawaï : inwoners die geen boot bezitten worden beboet
  • York : als je een Schot ziet is het wettelijk toegestaan hem te beschieten met pijl en boog
  • Alabama : het is verboden in de kerk een valse snor te dragen die tot lachen aanzet
  • Lanjaron : het is met onmiddelijke ingang verboden om te sterven.

Moge deze wetten duidelijk maken dat er ook zoiets bestaat als de zelfkant van de democratie. Toen ik een maand geleden van een reis door Nieuw-Zeeland terugkeerde in Nederland had ik een scherper oog voor het absurdisme van Nederlandse regeldrift. Is het mogelijk om in dit land te ontsnappen aan meerjarenplannen en structuur aanbrengende maatregelen? Ik tikte www.emigratie.nl maar eens in. Maar daar werd ik ook niet vrolijk van. Of ik een jaar van mijn leven zou willen wijden aan het invullen van papieren en of ik even een portemonnee met een miljoen dollars mee wilde nemen, voordat ik het ongerepte paradijs betrad. Collingwood is een dorp in Nieuw-Zeeland met een paar honderd inwoners. Collingwood heeft één straat met een supermarkt, een kapper, een museum, een snackbar en een café. Ga in Nederland naar een dorp van vergelijkbare omvang. Bezoek het café en ik durf te wedden dat er dikke kleden op de tafeltjes liggen, dat er appeltaart met slagroom wordt geserveerd en dat de barman verontwaardigd kijkt als je om cafeïnevrije koffie vraagt. Het café in Collingwood serveert worteltaart, er staan oude bankstellen op het terras en binnen staat een pick-up waar je zelf een plaatje op mag zetten. Het is niet het enige café in een Nieuw-Zeelands dorp waar ik deze inrichting aantrof. Waarom, vroeg ik mij af, waarom zit ik opgescheept met die eeuwige appeltaartpunt, nadat ik door de bossen bij Oisterwijk heb gewandeld? Wie heeft dit bedacht? Waarom wordt dit in stand gehouden? Waarom wordt er niemand kwaad?

Een week nadat ik terug was uit Nieuw-Zeeland bezocht ik de HEMA. Ik passeerde het restaurant. Verbaasd stond ik een tijdje te kijken naar de inrichting. De architectonische terreur van systeemplafonds en aan de vloer vastgeschroefde kunststof platen die ik niet zou willen associeren met het woord stoel, deden mijn maag omkeren. “Hou me tegen”, zei ik tegen een passant, “voordat ik mijn woede bekoel op deze treurnis waar jullie leidzaam slappe koffie drinken zonder ook maar ergens bij na te denken!” Waarom komt er niemand in opstand? Het restaurant leek een decor in een nare droom die niet te beïnvloeden is.
Waarom kan het in het godvergeten Collingwood wel? Waarom tref je daar wel in een ogenschijnlijk behoudende dorpsgemeenschap een met smaak ingericht café aan? Doordat er geen bierbrouwersmaffia is die de horeca tot parasollen met merknamen dwingt? Of dwaalt de pioniersgeest rond in dit door emigranten bevolkte land?Ik houd een lijst bij van innovatieve ingrepen:

  • In de hete zomer van 1938 spoten brandweermannen de voorgevel van het presidentiële paleis van Atatürk nat om de koorts van de zieke Turkse president te bekoelen.
  • Het Zuidkoreaanse Bureau voor Agrarische Ontwikkeling toonde met een proef aan dat bladluis kan worden tegen gegaan door het luid afspelen van popmuziek via op bomen gerichte speakers.
  • Een Amerikaans psychiater declareerde de behandeling van een patient met 120 persoonlijkheden als groepstherapie.
  • Ex-echtgenoot van Jeff Koons, ex-Italiaans parlementariër en ex-porno-actrice Cicciolina bood in een Argentijnse televisieshow aan met Sadam Hussein naar bed te gaan om de Golfoorlog op te lossen.
  • Schrijver Joseph Brodsky liet zijn studenten tweeduizend gedichten uit hun hoofd leren, zodat ze in geval van gevangenschap een andere werkelijkheid in hun hoofd konden creëren.
  • In de zuid-Zweedse stad Helsingborg wordt de opgewekte energie bij crematies gebruikt om huizen in de stad te verwarmen. Een dode die energie genereert lijkt op een soort wederopstanding, een voortleven in de ander.

Als wij vandaag een plan op tafel krijgen dat zich kan meten met deze innovatieve ingrepen dan mogen we onszelf zeer gelukkig prijzen. Ze maken in ieder geval duidelijk dat innovatie vooral zit in het loslaten van alles wat ons op de plaats houd. We moeten daarom in eerste instantie uitzoeken waar innovatie begint.”Waarom leef je niet je leven alsof ieder dag de laatste is?”, vroeg Youp van ‘t Hek zich af. “Omdat ik me dan druk zou gaan maken wat voor muziek er op mijn begrafenis gedraaid moet worden”, antwoordde Theo Maassen. Toch vroeg ook Maassen zich in één van zijn shows af hoe het toch komt dat als je aan volwassenen vraagt wat ze het liefste zouden willen doen, dat ze dan niet meteen “Apekooien!” antwoorden. Op de middelbare school wist je blijkbaar nog wel meteen het antwoord op de vraag en was het leven nog niet zo gecompliceerd.

Om niet als een schizofreen door het leven te wandelen hebben mensen structuur nodig, maar patronen staan innovatieve denkwijzen ook in de weg. Het is dus zaak om altijd waakzaam te blijven. Waarom eet ik iedere dag drie boterhammen met jam als ontbijt? Waarom lees ik iedere dag hetzelfde ochtendblad? Waarom neem ik iedere dag dezelfde weg naar mijn werk? Je zou ook dagelijks een andere weg kunnen nemen, om de geest fris te houden. Vaak zijn het allerlei praktische overwegingen die leiden tot ingesleten gewoonten en leven in patronen. Sommigen trekken die leefwijze zelfs door als ze op vakantie gaan en bezoeken jaarlijks dezelfde camping of hetzelfde vakantiehuisje. Veel anderen ervaren als ze Nederland verlaten juist de absurditeit van hun dagelijkse beslommeringen. Zij gaan iedere vakantiedag op ontdekkingstocht en ontwikkelen een nieuwsgierigheid die ze eigenlijk altijd zouden moeten hebben. Waarom kunnen we in onze eigen leefomgeving niet op vakantie gaan? Waarom is het zo moeilijk om die nieuwsgierigheid vast te houden? Omdat het gewoon niet dragelijk voor een mens is als iedere dag het leven nieuw voor hem is?

Tijdens een vergadering van de adviescommissie Stadbeeld in Eindhoven waarin het niet vlotte, viel mijn oog op één van de foute bloemstukken op de vergadertafel. Misschien zocht ik een zondebok, maar ik had het gevoel dat in het bloemstuk misschien de sleutel tot innovatieve oplossingen was verborgen die de vergadering ontbeerde. Nee, het bloemstuk was zelf de sleutel. Dit bloemstuk was nog nooit tot agendapunt verheven. Het bloemstuk werd genegeerd, want wat zou dit bloemstuk ons nu kunnen vertellen? Hoe konden wij over de inrichting van de openbare ruimte discussiëren in de aanwezigheid van zo’n afzichtelijk bloemstuk!?
De doodgewoonste dingen, die brengen mij tot zingen,’ zong Passe Partout in 1977 en het waren geloof ik Saskia en Serge die beweerden: ‘Het zijn de kleine dingen die het doen, die het doen, het zijn de kleine dingen die het doen.’ Als je je leefomgeving op grotere schaal wil veranderen dat je dan moet beginnen bij de planten in de vensterbank, het bloemstuk op een vergadertafel. Als je alert bent op hun aanwezigheid schep je ruimte voor creatief denken. Daar begint het innovatief leven.

De Franse schrijver George Perec schreef de bijbel voor het innovatief leven: Espèces d’espaces dat in 1998 onder de titel Ruimten rondom in Nederland werd gepubliceerd. Ik zou bijna het hele boek kunnen citeren, want in elke regel probeert Perec de starheid van onze ruimtelijke voorstellingen en van ons denken te doorbreken:

‘Het probleem is niet om de ruimte uit te vinden, en al helemaal niet om de ruimte opnieuw uit te vinden (er zijn tegenwoordig al genoeg mensen die menen te weten wat goed is voor onze leefomgeving…), het probleem is om de ruimte te ondervragen of, nog simpeler, de ruimte te lezen. Want wat wij alledaagsheid noemen is niet vanzelfsprekend maar ondoorzichtig: een vorm van blindheid, een soort verdoving.’

Ruimten rondom is een boek vol vragen en een boek vol opdrachten:

‘We moeten onszelf dwingen op te schrijven wat oninteressant is, het allervanzelfsprekendste, het allergewoonste, het alleronbenulligste. Ontcijfer een stuk stad. Bezoek je buren en kijk wat er zich op de gemeenschappelijke muur bevindt. Doorkruis Parijs door alleen langs straten te gaan die met een c beginnen. Probeer je zo nauwgezet mogelijk onder het stratennet de wirwar van rioolpijpen voor te stellen, de loop van de metrolijnen, de onzichtbare, ondergrondse woekering van buizen en leidingen (electriciteit, gas, telefoonlijnen, waterleidingen, het netwerk van kokers voor de buizenpost), zonder welke op de begane grond geen leven mogelijk zou zijn.’

Perec toont onze blindheid op meedogenloze wijze aan:

‘Lang geleden al hadden we de gewoonte moeten aannemen ons te verplaatsen, ons vrijelijk te verplaatsen, zonder dat dat moeite kostte. Maar dat hebben we niet gedaan: we zijn gebleven waar we waren. We hebben ons niet afgevraagd waarom het hier was en niet elders, waarom het zus was en niet zo. Uiteraard was het daarna te laat, gewoonte is een tweede natuur. We begonnen te denken dat we het goed hadden waar we waren. We hadden het hier toch even goed als aan de overkant. Veranderen valt niet mee, al was het maar de plaats van je meubels.’

Hoe blijf je continu in beweging, dat is eigenlijk de kern van Perec’s boek. En dat is ook de kern van het innovatief leven.Twee kunstenaars werden gevraagd een beeld te maken voor een buitenwijk van een gemeente in Friesland. Het moest iets worden voor de jongeren, want die verveelden zich zo. Iets bijzonders. De kunstenaars moesten ook goed luisteren naar de wensen van de bewoners. Dus werd er geënquêteerd. De uitkomst luidde: een wipkip. En iets met zo’n speelrek wat ze ook in Harlingen hadden gezien. Of iets met een bushokje. Maar eigenlijk toch liefst op iedere hoek van de straat een wipkip. Sommige bewoners hadden ook een paar schetsen bij de enquête gedaan, zodat de kunstenaars alvast wisten hoe het kunstwerk eruit zou gaan zien, of, als ze dat nog niet wisten, hoe een wipkip eruit ziet. Toen de kunstenaars met hun voorstel kwamen en de bewoners hun eigen schetsontwerpen hier niet in herkenden, werden zij de deur gewezen en is er een hele legbatterij aan wipkippen geïnstalleerd.

Ik hou hier niet een pleidooi voor de eigenzinnige arrogantie van de kunstenaar, maar enquêtes zijn dodelijk voor het creatieve denkproces. De uitslagen vertellen niet waar de problemen zitten, maar laten eerder zien wat de blinde vlekken van een gemeenschap zijn.

We kunnen vandaag een fantastisch plan bedenken, maar dat leidt alleen tot een incident. Interessanter is de vraag hoe je de blindheid voor de dagelijkse leefomgeving van een gemeenschap kan veranderen. Hoe je bij het bloemstuk op de vergadertafel begint. Innovatieve plannen kunnen alleen gedijen als er een mentaliteitsverandering plaats vindt. Als iedereen in een utopisch model met de blik van Perec naar zijn directe leefomgeving zou kijken zou een enquête onder de inwoners van Beuningen tot hele andere uitslagen leiden. Hoe kun je de sensibiliteit van een gemeenschap verhogen, zodat er ander zaken aan het licht komen dan snelheidsremmers en hondendrolproblematiek? Hoe kun je voorwaarden scheppen die ervoor zorgen dat innovatieve oplossingen vanuit de gemeenschap boven komen drijven? Perec zou op ieder nachtkastje van Beuningen moeten liggen.

Deze week werd er op klaarlichte dag bij mij ingebroken. Schrijf dan nog maar eens een tekst waarin je uitlegt hoe je de invloed op je leefomgeving kunt vergroten. Gevoed door de angst denk je in eerste intstantie heel één-dimensionaal. Hoe kan ik mijn huis nog beter beveiligen? Hoe kan ik mijn waardevolle spullen beter in huis verstoppen? Angst is een slechte raadgever. Het schrijven van deze tekst werd bijna een therapeutische aangelegenheid. En terwijl ik ‘m schreef bedacht ik een innovatieve oplossing voor de inbraakgevoeligheid van mijn woonwijk. Geachte SSW, Hierbij stel ik voor om bij de toewijzing van woningen in ons complex voorrang te verlenen aan bejaarden zonder hobby’s. Zij zijn het beste preventiemiddel tegen inbraak. Deze ‘preventieve bejaarden’ zijn een welkome afwisseling in een homogene gemeenschap van tweeverdieners die geen tijd hebben om hun woning overdag te bewaken. De sociale controle die ouderen op hun leefomgeving uitoefenen, ‘het achter de geraniums zitten’, is misschien wat stigmatiserend, maar de glimlach die dit idee op mijn gezicht toverde was de eerste sinds er bij me werd ingebroken.

Bron: Sjaak Langenberg, Het zijn de kleine dingen die het doen

Categorie  Je gaat je kapot lachen. Woela.

Datum en tijd  februari 22nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden   |  Plaats een reactie Plaats als eerste een reactie! |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

Je gaat je kapot lachen. Woela.De Nederlandse taal vernieuwt zich voortdurend, ook onder invloed van allochtonen. Maar niemand hoeft te vrezen dat de taal in gevaar is: het is tijdelijk. En bovendien het beste bewijs van succesvolle integratie.

Rita Verdonk is bang dat Zwarte Piet in gevaar is, nu Turken en Marokkanen onze oer-Hollandse identiteit bedreigen. Maar wat zou ze ervan denken als ze hoort dat Zwarte Piet tegenwoordig steeds vaker een Marokkaans accent heeft?

Dat is namelijk precies wat er aan de hand is. “Let er maar eens goed op”, zegt Jacomine Nortier van de Universiteit van Utrecht. Ze doet onderzoek naar de kruisbestuivingen tussen het Turks, de Marokkaanse talen en het Nederlands. “In de jaren zestig had Zwarte Piet een Indisch accent, in de jaren tachtig werd dat Surinaams en nu zie je her en der een Marokkaans accent opduiken.” En niet alleen bij Zwarte Pieten. Ook onder de Nederlandse jeugd – allochtoon en autochtoon – verspreiden de harde g en de zware stemhoudende z zich snel, worden stomme e’s ingeslikt en wordt “school” uitgesproken als “shgool”. Ook populair: het opzettelijk verdraaien van het geslacht van een woord, als in “die huis”.
“Hoe meer Marokkanen in het verdomhoekje zitten, hoe meer jongeren hun accent overnemen”, zegt Nortier. “Marokkaans is het “standaardallochtoons” aan het worden. Als je een buitenlander wilt nadoen, gebruik je de Marokkaanse tongval.” Nortier ziet het onder haar ogen gebeuren, zelfs haar eigen kinderen hebben het soms ineens over “die meisje”. Wie onaangepast en stoer wil overkomen, meet zich de taal van de verschoppelingen aan. Dat is altijd al zo geweest. Tot tien, vijftien jaar geleden werden Surinamers geïmiteerd. Nortier: “Die stonden toen bekend als werkschuw en crimineel. Nu zijn het de Marokkanen, misschien zijn het over tien jaar wel de Bulgaren en Roemenen.”

Er hebben zich al verontruste burgers gemeld bij Nortier. Ze zijn bang dat het Nederlands blijvend een Marokkaans tintje krijgt. Die vrees is vooralsnog ongegrond. Zodra jongeren een carrière gaan plannen of kinderen krijgen, schudden ze het accent net zo makkelijk weer van zich af. “Die meisje” wordt dan gewoon weer “dat meisje” en “shgool” wordt weer “school”. Er is dan ook nauwelijks nog Marokkaans tot de Van Dale doorgedrongen. Ook in de straattaal zijn maar een paar Marokkaanse woorden opgenomen. Surinaamse en Engelse woorden zijn populairder. De Marokkaanse woorden die het halen, zijn vaak stopwoordjes, uitroepen of “versterkers”: Woela (“Ik zweer het”); Ze3ma (“Zeg maar”, of “zogenaamd”; die 3 is de “uhngh”, een soort knijpklank); A Sahbi (“Joh”); Tfoee (“Gadver”); Ewa (“Nou”); Tozz (“Shit”); Yallah (“Kom op”).
Wel is het mogelijk dat onze zinsbouw blijvend gaat veranderen. Marokkanen hebben, net als andere allochtonen (en sommige autochtonen), de neiging voortdurend betekenisloze hulpwerkwoorden toe te voegen. “Je gaat je kapot lachen” in plaats van “Je lacht je kapot”. “Dat gaat echt niet lukken” in plaats van “Dat lukt niet”. Deze gewoonte, die tot voor kort was voorbehouden aan ouders die hun kinderen toespreken, lijkt zich ook onder Nederlanders te verspreiden.

Waarom nemen jongeren eigenlijk vooral taalelementen over van Marokkanen en niet van andere minderheden, zoals de Turken, die toch een grotere groep vormen? Dat ligt helemaal aan de Turken zelf, zegt Nortier. “Ze hebben geen behoefte aan een Turkse variant van het Nederlands. Ze zijn veel trotser op hun eigen taal. Kijk alleen maar op Turkse websites, daar wordt veel in het Turks gecommuniceerd.”

Marokkanen zijn minder aan hun eigen taal gehecht. Zowel het Berber als het Marokkaans-Arabisch heeft weinig prestige. Zeker tweedegeneratie-Marokkanen schakelen zonder gewetensproblemen en identiteitscrisis over op het Nederlands. Bijna alle allochtonen Nederlandse schrijvers zijn van Marokkaanse afkomst: Benali, Boudou, Bouazza, Benzakour. En rappers ook: Ali B, Appa, Salah Edin. Turken zijn vooral op hun mede-Turken gericht. Ze hoeven vaak niet te integreren, omdat ze de weg in de maatschappij al goed kunnen vinden. “Marokkanen hebben dat veel minder”, zegt Nortier, “ze zijn slecht georganiseerd en maken veel ruzie, er is niet zoveel dat ze bindt.” Bijna noodgedwongen richten de Marokkanen de blik naar buiten, naar hun Nederlandse omgeving. Het is dus onzin om te stellen dat Marokkanen minder geïntegreerd zijn dan Turken, vindt Nortier. “Alle problemen ontstaan nu juist omdat de Marokkanen keihard aan het integreren zijn.”

Categorie  Lang leve..

Datum en tijd  februari 22nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  ,  |  Plaats een reactie Plaats als eerste een reactie! |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

6 Lang leve..Nederland progressief? Niet meer, het kabinet grijpt terug naar de fatsoensnormen van de jaren vijftig. We moeten jong en veel baren, lang zogen en vooral geen paddo’s eten of naar de hoeren gaan. Is het echt beter voor ons? Of worden we betutteld?

Tot een aantal jaren geleden, en ver voor Rita, was ik trots op Nederland – voor zover je trots kunt zijn op iets wat je niet eigenhandig hebt gemaakt. Wat een land! Voor ons geen beleid gebaseerd op fatsoensrakkerij, onderbuikgevoelens of dogma’s. Nee, hier werden wetten en regels gemaakt op basis van nuchter verstand en wetenschappelijk onderzoek. Individuele vrijheid voerde de boventoon. De gemiddelde Nederlander werd door de regering niet behandeld als een onnozelaar die de driften nauwelijks in toom kon houden, maar als een volwassen mens met herseninhoud en verantwoordelijkheidsgevoel. Kortom, iemand aan wie je wel wat kon overlaten en iemand die je vrijheden kon verschaffen zonder dat hij of zij meteen uit de bocht vloog. De laatste tijd voel ik me echter behandeld als een losgeslagen, analfabete puber die ze niet allemaal op een rijtje heeft. Het kabinet komt met het ene overbodige advies na de andere verstrekkende maatregel en bij alles denk ik: wat is er gebeurd? Is zonder dat ik er erg in heb de Nederlandse bevolking ten prooi gevallen aan een plotselinge hersenverweking of verregaande bandeloosheid? Nee toch? Maar blijkbaar acht het kabinet het nodig om waarheden als koeien te deponeren en een ingrijpende regelgeving te plannen. Er is maar een woord voor: betutteling.

Minister Klink van Volksgezondheid vindt bijvoorbeeld dat vrouwen langer borstvoeding moeten geven, want dat is beter voor de baby. Nu wil hij de faciliteiten verbeteren voor voedende vrouwen en dat is mooi. Maar hij wil ook voorlichting geven en dat lijkt me toch zwaar overbodig. Iemand die heeft uitgevogeld hoe zij zwanger moet worden, zal ook echt wel weten dat borstvoeding goed is voor de baby. Zo niet, dan komt ze daar vanzelf achter zodra ze te maken krijgt met het consultatiebureau, de verloskundige en kraamhulp. Hetzelfde geldt voor de aansporing om op jongere leeftijd kinderen te krijgen. Vrouwen zijn er ondertussen wel van op de hoogte dat hun vruchtbaarheid vermindert naarmate ze ouder worden. Leggen ze die kennis naast zich neer, dan hebben ze daar blijkbaar een goede reden voor.

Koning van de betutteling is minister Rouvoet van Jeugd en Gezin. Met als uitschieter zijn mening dat het goed zou zijn als vrouwen niet alleen jonger, maar ook meer kinderen zouden krijgen. Is er nu ook maar iemand die eigenlijk van een volgend kind af had willen zien, maar naar aanleiding van de uitspraak van de minister denkt: doe mij er toch maar eentje extra? Of twee? Het enige wat schijnt te helpen om stellen ertoe te brengen meer en eerder kinderen op de wereld te zetten, is goede en betaalbare kinderopvang – zie Scandinavië, met gedegen voorzieningen, jongere ouders en een groter kinderaantal. Maar laat het kabinet nu juist op de kinderopvang bezuinigen. Het kabinet wil van alles, vooral van vrouwen. We moeten ook minder in deeltijd werken, meer vrijwilligerswerk doen, meer mantelzorgen en gezonder eten. Maar een en ander goed mogelijk maken? Dat schiet er nogal eens bij in.

Rouvoet beweert overigens, dat zijn aansporing tot voortplanting bedoeld is om de kosten van de vergrijzing op te vangen; iemand moet toch betalen voor al die pensioentjes. Dat klinkt aangenaam rationeel, maar het klopt niet. Onderzoeker Gijs Beets van het NIDI (Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut) gaf in februari in het NRC aan dat wanneer de eventuele Rouvoet-geboortegolf op de leeftijd is dat er geld verdiend gaat worden, de vergrijzingsgolf allang voorbij is. Het Centraal Planbureau stelt dat burgers tijdens hun leven de overheid meer kosten dan dat ze opbrengen, een kindertoename betekend dus een verslechtering van de overheidsfinanciën. Dat dergelijke feiten rustig worden genegeerd, is nu juist wat enorm stoort aan veel ideeën van deze regering. Ze zijn niet gebaseerd op degelijk wetenschappelijk onderzoek, maar op vage veronderstellingen en fatsoensnormen.

Een ander voorbeeld van zo’n voornemen is het paddoverbod. Minister Klink liet vorig jaar door drugsdeskundigen van het CAM (Coördinatiepunt Assessment en Monitoring nieuwe drugs) een rapport opstellen over de risico’s van het gebruik van hallucinogene paddenstoelen. Conclusies: de gezondheidsschade is beperkt en er zijn geen aanwijzingen voor betrokkenheid van georganiseerde criminaliteit bij de handel. Een verbod van paddo’s is dus volgens het CAM een onevenredig zwaar middel en zelfs riskant, omdat het gevaar bestaat dat er naar andere drugs wordt gegrepen die schadelijker zijn. En wat doet de minister? Toch verbieden. Zeker, er is een meerderheid voor het verbod in de Tweede Kamer en we leven nu eenmaal in een democratie. Maar kunnen we niet een keer luisteren naar mensen die ervoor gestudeerd hebben, in plaats van zelf te beslissen op basis van – ja, van wat eigenlijk? Ik heb niets tegen ingrepen van de overheid, maar ze moeten wel gefundeerd zijn. Het rookverbod in de horeca is een nogal heftige maatregel, maar mensen zitten nu eenmaal graag in de kroeg en van meeroken kun je longkanker krijgen. Feit. Amsterdam gaat er niet mooier op worden als er geen auto’s van voor 1992 meer mogen rondrijden, maar het fijnstof dat ze verspreiden is toch echt schadelijk voor de gezondheid. Deze verboden gaan ten koste van vrijheden, maar ik vind ze niet betuttelend. Een maatregel of verbod is voor mij pas betutteling als er geen andere reden voor lijkt te zijn dan dat “het nu eenmaal zo hoort”.

Het kabinet snijdt zichzelf in de vingers door te betuttelen. Het maakt dat regelgeving steeds vraagtekens zal oproepen. Is het een redelijke maatregel? Of is er toch weer sprake van betutteling? Op plaatselijk niveau zijn er eveneens dubieuze zaken. Zo kan de wet BIBOB (Bevordering Integriteit Beoordelingen door het Openbaar Bestuur) worden aangewend om ondernemingen te screenen op banden met criminelen als ze een vergunning aanvragen. Die mogelijkheid is door de gemeente Amsterdam gebruikt om sexondernemers op de Wallen door te lichten. Een mooie manier om vrouwenhandel en gedwongen prostitutie aan te pakken, zou je denken. Maar de gemeente weigert nu ook vergunningen aan ondernemers van wie met reden betwist kan worden dat zij in verband staan met criminelen. Wordt deze wet dan toch gebruikt als handvat om de Wallen netjes aan te harken, en niet om de criminaliteit te weren? Een andere maatregel op plaatselijk niveau die vragen oproept, is de afkondiging van de avondklok voor kinderen in bepaalde wijken in Utrecht en Rotterdam. Noodzakelijk om te voorkomen dat zij overlast veroorzaken en in aanraking komen met criminelen jongeren? Of bedoeld om de bevolking in een fatsoenlijk keurslijf te dwingen?

De maatregelen hebben wel de instemming van een groot deel van de bevolking, want, zoals gezegd, we leven nu eenmaal in een democratie. Wat is er toch gebeurd met onze befaamde tolerantie? Vooruit, dat was ook een vorm van luiheid. We gingen onze energie niet verspillen aan de rare hobby’s van de buurman. Zolang wij er maar geen last van hadden, mocht hij best blowend naar porno kijken. Maar nu lijkt de gemiddelde burger te vinden dat er van alles en nog wat niet meer door de beugel kan. Toen ik laatst mijn onbegrip hierover spuide, bracht iemand daartegen in: “Maar het is toch ook allemaal veel erger geworden?” Wat is erger geworden? Is er meer criminaliteit? Gebruiken we meer drugs? Zijn we verworden tot een natie van zelfzuchtige hedonisten die de medemens het liefst bij een hardnekkig hoestje al zouden euthanaseren? Welnee.

Cijfers tonen aan dat de criminaliteit vanaf 2002 afnam, en de cijfers nu zijn gestabiliseerd – dus al voor maatregelen als het instellen van de avondklok. Volgens cijfers van het Trimbos-instituut is van geen enkele drug het het gebruik flink afgenomen, van bepaalde drugs nam het juist af. Nederland telt ruim een miljoen mantelzorgers en 4,5 miljoen mensen verrichten vrijwilligerswerk; we zijn geen kille individualisten. Wat de geldende fatsoensnormen betreffende drugs, criminaliteit en engagement aangaat, doet ons land het dus helemaal niet slecht. Aan vrouwen worden tegenwoordig echter zoveel tegenstrijdige eisen gesteld, dat het een raadsel is wat de heersende fatsoensnorm is. Een fulltime werkende moeder die uitstekend zorgt voor haar jong gebaarde vier kinderen en bejaarde ouders, vrijwilligerswerk verricht en gezond eet? Op welke planeet is dit mogelijk? Wat zal het kabinet eigenlijk bereiken met de betutteling? Degenen die de betutteling toejuichen, zijn zelf hoogstwaarschijnlijk keurige burgers en hebben die niet nodig. Degenen die blijkbaar wel betutteling behoeven, zullen zich er niets van aantrekken. Of zich ertegen verzetten. Ik krijg door de overbodige of tegenstrijdige adviezen en de ongefundeerde maatregelen in ieder geval de neiging om me als een puber te gedragen en te gillen:”Ik moet he-le-maal niks! Ik mag toch zeker lekker zelf weten wat ik doe!” En vervolgens met de deuren te slaan en naar buiten te rennen voor een flink potje comazuipen of paddohappen.

Nou vooruit, dat zal eerlijk gezegd wel meevallen, want ik ben een redelijk mens. En dat is nu juist waarom dit kabinet me niet zint. Beleid dat zich niet baseert op wat goed is voor de mensen, maar op wat hoort, vraagt om verzet. Wie gaat er mee, de barricaden op?

Bron: Iris Vandemoortele voor ELLE Magazine

Categorie  Bij Saïd denk ik vaak aan de zon

Datum en tijd  februari 22nd, 2010 |  Categorie Artikelen |  Kernwoorden  ,  |  Plaats een reactie Plaats als eerste een reactie! |    Print dit artikel   Print dit artikel  |  Tweet dit artikel  Tweet dit artikel  |  Word gratis abonnee! Word gratis abonnee!

said Bij Saïd denk ik vaak aan de zonVolkskrant-medewerker Greta Riemersma ontmoette Saïd Finani op de dansvloer in Amsterdam. Nu, dertien jaar later, wonen ze in Marokko en is er in de wereld het een en ander gebeurd. Riemersma schreef een liefdesverklaring – en een verklaring van een liefde.

Saïds opa was kamelenhandelaar in de Sahara. Urenlang kon hij op de grond zitten, want wie snel leeft, is snel dood, zeggen ze in het dialect dat ze in die uithoek van Marokko spreken. Niet dat Saïd zijn grootvader nog heeft gekend, hij was al dood voordat hij werd geboren. Maar door de verhalen van zijn vader kwam zijn opa af en toe tot leven. Opa zat dan in serene rust, dronk zijn thee en zei geen woord. De Saharaoui begrijpen elkaar zonder woorden. En hun dieren ook. “Kamelen zijn trouw en geduldig”, leerde Saïd van zijn vader.
Mijn opa molk koeien in Friesland, van die kolossale zwart-witte beesten die wat mij betreft allemaal op elkaar leken. Maar dat moest je niet tegen mijn opa zeggen. Mijn opa wist precies of hij te maken had met Fokje II, Durkje I of Sietske III. Waren de koeien onrustig, dan kon het gaan onweren, zei hij altijd. Pake – zo noemen Friezen hun grootvader – was een vrolijk mens. Met een luciferprikje kietelde ik vaak zijn oren. Toen hij in 1991 in coma in het ziekenhuis van Dokkum lag, draaide hij nog zijn oor naar mij toe toen ik zei: “Kietelje, pake?”

Saïd en ik kwamen elkaar tegen in 1995 en toen hadden wij het uiteraard niet over onze grootvaders. Maar wat er daarna gebeurde, was wel in hun geest, denk ik altijd maar. Wij raakten aan het dansen in Paradiso en daarna was het een kwestie van instinct – dat hoef ik toch zeker niet verder uit te leggen. Soms zijn de dingen simpel. Deze man moest het gewoon zijn. Of hij nu een Japanse zenboeddhist, een hindoestaanse Surinamer of een gereformeerde Friese boer was, dat maakte mij allemaal niets uit. Saïd Finani bleek een Marokkaanse moslim te zijn, en dat vond ik ook best.

Wij leefden in een tijd waarin nog niemand van Bin Laden had gehoord, althans niet wij gewone stervelingen in Amsterdam. Onze dochter van 10 was nog niet geboren en zij kon mij dus niet opgewonden vragen: “Mama, weet jij wel hoe Marokkanen worden genoemd? Geitenneukers!” Zij had dat laatst voor het eerst gehoord, en zij begon te huilen. “Papa is geen geitenneuker”, zei ze. Dat had zij goed gezien. Ik ben in ons huis nog geen andere dieren tegengekomen dan de dode substantie die Saïd braadt en met wijnsaus overgiet. Het woord “kut” sloeg destijds ook nog gewoon op een lichaamsdeel waaraan wij beiden een hoop lol beleven, in plaats van op een woordspeling die Rob Oudkerk bedacht, de Amsterdamse wethouder die moest aftreden na heroïnehoerenbezoek.

Had ik anders tegen Saïd aangekeken als ik wist wat ik nu over moslims en Marokkanen hoor? Misschien had ik gedacht dat Saïd nog uitzonderlijker was dan ik hem nu al vond. Zijn ouders waren analfabeet, maar ze brachten hem wel het een en ander bij. “Een vrouw slaan is het laagste van het laagste”, hield Saïds vader hem voor. Zijn moeder vertrok gewoon als de gang van zaken in huis haar niet beviel en zij kwam pas terug als Saïds vader haar smeekte. Ze zouden het maar raar vinden als ze wisten wat ik soms bijna gedwongen ben te zeggen over hun zoon: hij verkracht mij niet, hij sluit mij niet op en hij dwingt mij niet in 5 kilo stof over straat te gaan. Dat laatste zelfs liever niet. Saïd laat mij mijn leven leiden zoals ik dat wil, en hij respecteert mannen met baarden en vrouwen met hoofddoeken. Maar als ik een hoofddoek zou omdoen, zou hij morgen impotent zijn.

Ik moest er wel aan wennen dat Saïd zo close is met God, die hij Allah noemt. Ik had gedacht dat ik na mijn jeugd klaar was met Hem. Maar zoals Saïd met hem omging, dat kende ik niet. Mijn gereformeerde opvoeding was aan de verlichte kant, maar er was desondanks nogal wat zwaarte blijven hangen. Saïd kent die zwaarte niet. “Je moet doen wat je kunt”, zegt hij over het geloof. En als ik hem dan verbluft aankijk, gaat hij verder: “Dat is toch logisch? Je kunt toch niet doen wat je niet kunt doen? “ Het leven is leuk voor Saïd, en voor zover het niet leuk is, neemt hij het zoals het is. Ik heb na drie zwangerschappen een buik, wat volkomen logisch is. Gesprekken over afvallen vindt hij gezeur. Nu kun je zeggen dat hij makkelijk praten heeft, want stevige vrouwen vindt hij lekker. Maar over zichzelf denkt hij net zo. Hij is kaal geworden en het enige wat ik hem daarover heb horen zeggen is dat een tondeuse nu wel handig is.

Bij Saïd denk ik vaak aan de zon. Natuurlijk hebben wij ook onze 188 crises gehad. In het begin had hij een obsessie die mij volledig in de gordijnen joeg. “Jij wilt de macht hebben, alle vrouwen willen dat”, zei hij. Ik geef onmiddellijk toe dat ik tot het type nerveuze vrouwen hoorde dat zich bemoeit met de telefoongesprekken van haar vent en commentaar heeft als hij een te dure aankoop heeft gedaan. Maar macht? Zo had ik dat nog nooit bekeken. Ik werd kwaad en riep dat het allemaal onzin is en als vrouwen ergens geen macht hebben, dan is het in de islamitische wereld. Waar had hij het over?

In de jaren erna begon ik het anders te zien. Ik ontmoette door Saïd meer moslimmannen en ik begon te vermoeden dat ze bijna allemaal denken dat ik de macht wil hebben. Volgens mij zijn nogal wat van hen doodsbang voor vrouwen, en dat idee wordt sterker sinds nu ik sinds kort in Marokko woon. Veel mannen die ik hier ontmoet, kijken weg, en een gesprek wil maar niet op gang komen. Ik weet dat zij vinden dat ze juist uit respect voor mij zo doen, en dat wil ik nog aannemen ook. Maar daarachter voel ik onwennigheid, schichtigheid.

Saïd komt uit een cultuur waarin de werelden van mannen en vrouwen veel meer gescheiden zijn dan in Nederland. Laatst verheugden we ons op een verlovingsfeest van Saïds nichtje. Kwamen we daar, werden we onmiddellijk uit elkaar gehaald. Hij werd naar het mannenvertrek gedirigeerd, de kinderen en ik naar de vrouwenkamer. Saïd is dat na dertig jaar Europa niet meer gewend en dus hadden we allebei de smoor in. Bij het volgende feest is hij demonstratief tussen de vrouwen gaan zitten. Hoe kun je in zo’n sfeer iets over vrouwen leren dat recht doet aan de werkelijkheid? Misschien ga je wel denken dat het woedende leeuwinnen zijn die je verslinden als je in hun buurt komt. Sommige mannen gaan daar raar van doen: hun vrouw verkrachten, of opsluiten, of dwingen in 5 kilo stof te lopen. Ga snel bij zo’n kerel weg, zou ik zeggen. Zoek een ander. Van Saïd bestaat geen tweede, maar hij is heus niet de enige aardige moslimman. Ik ken er althans genoeg die voor hun vrouw door het vuur gaan.

Die vrouwen zijn trouwens thuis vaak niet de a-seksuele wezens die je op straat ziet lopen. In het badhuis in Marokko, de hamam, zie ik hen zichzelf mooi maken. Ze boenen zich totdat het allerlaatste vuiltje uit hun poriën is geperst. Okselhaar, schaamhaar, alles gaat eraf en daarna nemen ze hun eelt onder handen. Tegen mij zeggen ze vaak dat ik mijn voeten beter moet raspen; al die barsten in mijn hakken vinden zij geen gezicht. Van mijn HEMA-onderbroeken denken ze ongetwijfeld hetzelfde, al zeggen ze dat niet. Maar ik zie zo ook wel dat ik in lompen loop in vergelijking met hun lingerie.

Achter de afstandelijkheid van veel Marokkanen gaat warmte schuil, heb ik gemerkt. Maar ze moeten eerst weten dat je niet eng bent, om het zo maar te zeggen. En hé, waar kende ik dat ook alweer van? In Friesland is de code ook afstand, maar wie daar doorheen breekt, vindt nabijheid. De scheidslijn loopt er niet tussen de mannen – en vrouwenwereld, maar tussen ons-soortmensen en de rest. Ik ben vaak met argwaan bekeken omdat ik uit een ander dorp kwam, of op het atheneum zat in plaats van op de huishoudschool.

Het kan raar lopen in het leven. De afstand tussen de Sahara en Friesland is enorm, en Saïd en ik snapten in het begin weinig van elkaar. Ik hoorde in zijn Arabische muziek alleen maar een jankend hammondorgel, hij dacht bij het slotkoor van de Matthauspassion aan spannende filmmuziek. Maar wat ons betreft kon het niet beter.

En op een dag beluisterden we iets anders. Saïd vertelde dat hij als kind in Marokko dolgelukkig op zijn plastic slippertjes naar huis rende wanneer zijn vader een schaap had gekocht voor het slachtfeest. Ik zag voor me hoe ik op mijn Batavus naar onze bungalow scheurde wanneer ik wist dat mijn vader een kerstboom uit de kofferbak van zijn BMW zou halen. Het komt allemaal op hetzelfde neer, zelfs de herinneringen aan onze opa’s. Over macht hoor ik Saïd allang niet meer, misschien omdat ik zelf ook wel normaler ben geworden. We denken nu dat we bij elkaar blijven totdat we doodgaan. En als ik dan “hopelijk” zeg en hij “insjallah”, horen we geen verschil.

Volkskrant Magazine

Een greep uit de bibliotheek...

  • The Reflex
  • Bij Saïd denk ik vaak aan de zon
  • Junkie
  • Hypergrafie
  • Haïti

Filters